In dit boek neem ik je mee op mijn persoonlijke weg van rouw. Niet als deskundige, maar als moeder.
Na het plotselinge overlijden van mijn middelste, volwassen dochter op drie mei 2025, begon ik te schrijven. Dagboekstukken. Woorden aan haar. Woorden voor iets waar eigenlijk geen woorden voor zijn.
Wanneer je je kind verliest staat je hele leven stil, terwijl de wereld gewoon doorgaat. Niets voelt nog vanzelfsprekend. Wat eerst houvast gaf, kan ineens zijn betekenis verliezen.
Het iedere dag een stukje schrijven om zelf te kunnen blijven ademen, groeide langzaam uit tot een boek over rouw, moederschap, liefde en leven met een gemis dat altijd aanwezig blijft.
Ik schrijf over verdriet, verwarring, herinneringen, machteloosheid en gemis. Over kleine momenten waarop er toch weer iets van kracht lijkt te ontstaan en over de momenten waarop je weer terugvalt. Over gedachten waar je soms van schrikt. Over gevoelens die je niet altijd kunt uitleggen. En over de vraag of je gek wordt van alles wat er door je heen gaat.
Dit is geen boek met oplossingen of adviezen over hoe rouw zou moeten verlopen.
Daarvoor is ieder verlies te persoonlijk. Het is een eerlijk verhaal over verder leven met een verlies dat niet overgaat. Over liefde die van vorm verandert, maar niet verdwijnt. Over zoeken naar een manier om door te gaan, ook voor de rest van je gezin, terwijl degene die je mist altijd deel van je blijft.
Met mijn verhaal hoop ik te laten voelen: je bent niet gek. Je rouwt. En hoe eenzaam dat ook kan zijn, je bent niet de enige.
Misschien vind je in mijn verhaal geen antwoord, maar wel nabijheid.
Geen oplossing, maar herkenning.
Geen einde aan het gemis, maar misschien een beetje steun op je eigen weg.